Nog steeds relevant

Gepubliceerd op 8 juli 2022 om 20:47

Dit blog, geschreven door Joost Röselaers en mij, is eerst verschenen als opinieartikel  in het Nederlands Dagblad van 9 juli 2022.

 

Wij zullen de eersten niet zijn die in vertwijfeling over het eigen bestaan een ongekend perspectief aangereikt krijgen
Er is na de coronacrisis een inhaalslag zichtbaar van dopen en kerkelijke huwelijken. Zelfbewuste kerken mogen staan voor eigen rituelen die oude papieren hebben.

 

 

Het gaat niet goed met kerken in Nederland. Daarover vertellen we niks nieuws. Al decennialang verlaten mensen massaal de kerken. Daarbovenop is een groot aantal mensen tijdens de coronacrisis afgehaakt. Deze trend geldt ook voor de Remonstrantse Broederschap. Het kleine, vrijzinnige protestantse kerkgenootschap, ontstaan uit perikelen in de zeventiende eeuw tussen Arminius en Gomarus over de predestinatie, telt nog ongeveer 4300 leden en vrienden. Kortom: het is laag tij voor georganiseerd kerkelijk leven in Nederland. Daar zijn vele redenen voor te bedenken. De tijdsgeest, het imago van kerken. Wij willen daar aan toevoegen: het verlies aan zelfbewustzijn bij kerken. Wij hebben met onze bijbelse verhalen, kerkgebouwen, tradities en rituelen iets unieks in handen, maar lijken ons daar eerder voor te schamen. De ontkerkelijking hebben we gedeeltelijk ook aan deze onzekere houding te danken.

 

Bij veel kerken, waaronder ook de remonstranten, leidt de rappe ontkerkelijking tot een grote vertwijfeling over het eigen aanbod. Alles wordt minder, maar misschien kunnen we het tegenhouden. En er ontstaan pioniersplekken, vernieuwings- of innovatieplekken. Begrijp ons goed: het evangelie vraagt telkens weer om vernieuwing en praktische aanpassingen aan de tijd waarin je leeft. Paulus was niet zover gekomen als hij niet zijn best had gedaan om de mensen te bereiken! Elke manier om het evangelie handen en voeten te geven in deze wereld moet geprobeerd worden. De vraag is of het soms niet te ver wordt gezocht. Ligt het antwoord niet besloten in wat we al eeuwen doen, maar dan opnieuw uitgelegd en in een nieuw jasje?

Als predikanten merken we dit ook. Ondanks alle aandacht voor actualiteit en vernieuwing zijn het toch de traditionele elementen van ons werk die nieuwe mensen trekken. Na corona is er bijvoorbeeld een ware inhaalslag van dopen en kerkelijke huwelijken. Jonge mensen blijken onze digitale diensten gevolgd te hebben en weten ons nu te vinden. Juist als je staat waar je voor staat en als je je niet schaamt voor je kerkelijke vormen. (Dit artikel is geschreven door twee predikanten die met liefde een zwarte toga dragen en die zich op zondag en bij rituelen graag laten leiden door het bijbelse verhaal…)

 

Traditionele elementen van ons werk trekken nieuwe mensen.
Terwijl twintig jaar geleden in de niet-gelovige wereld een aversie herkenbaar was tegen het kerkelijke, zien we dat nu veel minder. Mensen zijn nieuwsgierig naar wat er in de kerk gebeurt, hebben belangstelling voor het verhaal, als het maar een verbinding weet te leggen tussen het leven nu en het grote Verhaal. Dat zien we bij diensten waarin getrouwd wordt of gedoopt: veel mensen die voor het eerst in een kerk zijn en met belangstelling alles volgen.

Er is geen angst voor ouderwetse vormen, maar juist welwillende nieuwsgierigheid. En waar velen die in de zestiger jaren opgegroeid zijn, menen dat de drempel niet laag genoeg gemaakt kan worden, denken wij dat er ruimte is voor eigen rituelen en gebruiken die oude papieren hebben. Als iets wat voorstelt, als het als authentiek wordt beleefd, dan wil je je wel verdiepen in de bestaande mores. Het verwijst naar het transcendente, iets dat groter is dan wij. We hoeven het niet uit onze eigen tenen te halen. God zij dank niet.

niet schamen
Is daarmee de kerk gered? Dat zou mooi zijn, maar naar de mens gesproken moeten we er toch rekening mee houden dat het voorbijgaat. Dat we behoren tot de laatste generatie van georganiseerd christendom in Nederland. Maar is dat een reden om het nu compleet anders te gaan doen? In de tijd die ons gegeven is, doen wij uit volle overtuiging en in alle vertrouwen, wat bij een kerk past: proberen te leven uit het evangelie, ons daarvoor niet schamen en doen wat daarbij hoort, en dat op een manier die al decennialang gebeurt. Daarna zien we wel weer. En gelukkig is dat niet aan ons. Wij zullen de eersten niet zijn die in vertwijfeling over het eigen bestaan een ongekend perspectief aangereikt hebben gekregen.

 


«   »

Reactie plaatsen

Reacties

Gerbert van Loenen
een maand geleden

Een prachtige tekst, iets om ter harte te nemen.

Albert de Vos
een maand geleden

Uitstekend verwoord.
De stijlvolle wijze van kerk zijn spreekt mensen aan.
Nieuwigheden houden niet lang stand.
Gods zegen

Eugénie C.M. van Straaten
een maand geleden

Heb het artikel doorgestuurd naar een neef van mijn moeder die Delftenaar is/was en toen hij in Weybridge (Uk) woonde actief was in het Nederlandse kerkje daar. Joost heeft zijn dochter getrouwd en zijn vrouw ‘begraven’. Ik heb hem een beetje gepest met ‘“dat met name Deltenaren niet zulke kerkgangers zijn en of we niet een keer samen naar Joost zullen gaan als hij voorgaat”…

Ik probeer op mijn manier reclame te maken langs allerlei paden. Succes en hartelijke groet, Eug